Door: Amy de Ruijter

Wat is het belang van het begrijpen van de binnenkant van een apparaat op jonge leeftijd, en welke invloed heeft dat op onze verhouding met technologie voor de toekomst? Drie ervaringsdeskundigen vertellen hoe zij de virtuele en fysieke wereld samen laten komen: thuis, in de klas en op mediafestival Cinekid.

We leren tegenwoordig soms al programmeren op de basisschool, maar daarnaast is er ook steeds meer aandacht voor de fysieke gedaante van technologie. Zo zijn er de Fablabs van Waag en kan de jeugd terecht bij maakplaatsen in de OBA. Siuli Ko, Douwe Schmidt en Joost de Graaf vertellen waarom het belangrijk is om kinderen te leren wat zich afspeelt in het apparaat dat zij dagelijks in hun handen hebben, en hoe zij dat doen.

Krijg je zin om zelf aan de slag te gaan? Onderaan vind je tips voor de kerstvakantie om samen met je kind(eren) technologie te ontdekken, van Scratch tot zelf computers uit elkaar halen.


Siuli Ko is programmamanager bij Cinekid. Ze vertelt hoe het festival, dat van origine gericht was op film en tv, een plek is geworden waar kinderen allerlei soorten nieuwe media kunnen ontdekken.

‘Het multi-disciplinaire denken is iets wat ik probeer terug te laten komen op Cinekid. Ik geloof dat de mooiste innovaties ontstaan op het kruispunt van verschillende sectoren. Het is een digitale speeltuin, waar de creativiteit van kinderen geprikkeld wordt. Voorheen ging het vooral om de wow-factor van technologie, maar daar zijn we nu vanaf gestapt. Technologie gaat namelijk ontzettend snel, en voordat we ons richten op nieuwe creaties, willen we liever vraagtekens zetten bij bestaande technologie. Dat is ook veel interessanter voor kinderen: wat gebeurt er achter het scherm, wat voegt het voor jou toe?’

Speelse bewustwording

‘De fysieke ervaring van technologie die Cinekid geeft is belangrijk voor het creëren van een gezonde houding tegenover technologie. Kinderen zijn al thuis in de digitale wereld: gamen is bijvoorbeeld algemeen goed. Voor hen is de scheidslijn van het fysieke naar het virtuele al veel vloeiender dan bij volwassenen. Dat kan mooie dingen voortbrengen, maar het is ook belangrijk om ze mee te geven wat echt is en wat niet: zeker met de opkomst van Metaverse en soortgelijke ontwikkelingen.

‘Kinderen zijn al thuis in de digitale wereld: gamen is bijvoorbeeld algemeen goed. Voor hen is de scheidslijn van het fysieke naar het virtuele al veel vloeiender dan bij volwassenen’

Wanneer je dit spelenderwijs probeert mee te geven – met kleine problemen oplossen en het in- en uit elkaar halen van technologie (ook wel tinkeren genoemd) – leren ze beter hoe de digitale wereld in elkaar steekt. Als je eenmaal nadenkt over de andere kant, kan je dat extrapoleren naar een groter begrip van de wereld: het zorgt voor bewustzijn over hoe technologie werkt en is automatisch een van de stappen in het proces van reflectie. Als mensen zouden weten hoe algoritmes werken, zou nepnieuws minder voet aan de grond hebben. Het is daarom net zo belangrijk voor volwassenen, maar in de wereld van nu goed om er zo vroeg mogelijk mee te beginnen.’

Virtueel dansen

‘Uniek aan Cinekid is dat we dit alles op een speelse en ontdekkende manier benaderen, en tegelijkertijd vragen stellen. Zo was de afsluiter van het festival een kunstwerk genaamd ‘Two sides’, waar je je eigen poppetje kon kleien met twee kanten van jezelf, en bijvoorbeeld positieve en negatieve emoties een plek kon geven. Dat werd dan ingescand en digitaal ingekleurd: daarna kon je op een groot scherm dansen met je eigen emoties. Dat soort intimiteit met technologie ervaren kinderen niet vaak.’

Beeld: Max Kneefel via Cinekid

Douwe Schmidt werkt al 15 jaar op het gebied van technologie en techniek. Ook na werktijd gaat zijn interesse hierin door: samen met zijn kinderen ontdekt hij de creatieve mogelijkheden van technologie.

‘Ik vind het mooi hoe computers dingen kunnen die ik zelf niet kan, zoals tekenen. Tegelijkertijd bevind je je in het frame van wat een computer kan doen. Het biedt dus vrijheid, maar beperkt je vrijheid tegelijkertijd. Dat vind ik een interessant spanningsveld. Met mijn kinderen probeer ik de grens tussen fysiek en digitaal klein te houden. Zo hebben we laatst een stopmotion-filmpje gemaakt, simpelweg met foto’s via de webcam. Ook hebben ze allebei een Raspberry Pi waarmee we een Minecraft-wereld hebben gemaakt die alleen voor ons drieen toegankelijk is. Zo gaan we steeds een stapje verder.

Een Raspberry Pi is een erg leuke manier om kinderen een eigen computer te geven: het is goedkoop, ze kunnen er van alles op maken, en er staat geen belangrijke mail van ouders op die in gevaar kan worden gebracht. Niet alleen geeft het kinderen vrijheid, ze leren tegelijkertijd ook veel over hoe een computer in elkaar zit doordat het een doorzichtig kastje is, maar ook hoe ze bijvoorbeeld een muis of toetsenbord erop aansluiten. Een tablet leert je alleen maar swipen: het nodigt niet uit om technologie te ontdekken.’

Bouwen zonder beloning

‘Veel games zijn eigenlijk vergelijkbaar met Lego. Je krijgt een boekje met uitleg, je bouwt iets op en daarna ben je klaar. Dat is weinig creatief. Het wordt pas interessant wanneer je de legoblokjes uit elkaar haalt en zelf iets bouwt zonder einddoel. Dat is hoe leren zou moeten gaan: je leert ook geen wiskunde om een bepaald level te halen, maar omdat je het wil begrijpen en uiteindelijk zelf formules kan maken. Hetzelfde geldt voor een muziekinstrument.’

‘Een leeromgeving kan niet ingericht zijn alsof het een spelletje is met beloningen’

‘Er is traditioneel gezien veel aandacht voor dit soort leren, maar het staat onder druk door digitalisering. Een leeromgeving kan niet ingericht zijn alsof het een spelletje is met beloningen. De intrinsieke beloning is dat je kennis hebt opgedaan. Met een puntensysteem ondergraaf je dat. Punten scoren kan helpen om op gang te komen, maar het moet niet meer dan het basiselement van het onderwijs zijn. Het gaat om de lol van zelf iets maken of kunnen.’

Veilig ontdekken

‘Niet alle ouders hebben de interesse en tijd om dit zelf te ondernemen met hun kinderen. Ik denk dan ook dat hierin vooral een rol voor scholen en de overheid is weggelegd. Toch zijn er ook thuis genoeg mogelijkheden voor veilige digitale ontdekkingen: zo kan je een heleboel programma’s op je computer zetten die bijvoorbeeld ook zonder internet te gebruiken zijn: teken, muziek, film en andere creatieve apps. Kinderen kunnen op die manier de digitale wereld ontdekken in een veilige omgeving. Bij veel games komen er steeds nieuwe levels en volg je altijd het plan van de maker. Creatieve apps hebben dat niet: daar ben je zelf maker én beoordeler van wat je gemaakt hebt.’

Raspberry Pi / Beeld: Gareth Halfacree

Joost de Graaf geeft les over technologie op basisscholen en vindt dat er meer aandacht voor moet zijn in het onderwijs. Vanaf februari loopt hij stage bij PublicSpaces.

‘Toen ik begon met lesgeven op basisscholen was er nog niks over programmeren in het lespakket te vinden. Dat ben ik toen zelf gaan doen. Met een micro:bit, een soort eenvoudige versie van een Raspberry Pi ontwikkeld door de BBC, kan de link tussen robotica en programmeren worden gelegd. Online kan je via MakeCode op een visuele manier blokken bouwen en de mini-computer opdrachten geven. Het is goed om op jonge leeftijd mee te krijgen dat je niet alleen de gebruiker kan zijn van technologie, maar ook de maker.’

Robot als leermeester

‘Coderen lijkt vaak overweldigend: theorie over robotica wordt voor kinderen al snel saai, net als de hele dag naar een scherm kijken. Door de twee te combineren haken ze veel sneller aan. Mijn micro:bit is nu bijvoorbeeld vastgeschroefd op het moederbord van een rijdende robot. Wanneer je laat zien wat de computer is en wat het moederbord is, op zo’n leuke robot, is daar gelijk een leermoment. Het kan dus heel simpel gaan. Door het visueel of bewegend te maken wek je interesse.

Scholen vinden de lessen erg leuk; docenten soms wat minder. Sinds dit jaar is les over mediawijsheid verplicht op scholen. Dat gaat vooral over veilig zijn online en cyberpesten, heel anders dan wat ik doe. In de praktijk is de invulling daarvan vaak onduidelijk omdat het neerkomt op het individuele kunnen van de docent. Programmeren is dan alweer een stap verder: het is gek dat dat nog niet in het PABO-pakket zit. De kennis die docenten opdoen over technologie heeft namelijk weer invloed op de kennis van de leerlingen.’

‘Het is goed om kinderen mee te geven dat dingen niet hoeven te zijn zoals ze zijn’

Kritische generatie

‘Als je een generatie hebt met veel kennis over hun digitale apparaten, creëer je meer algemene bewustwording over de totstandkoming daarvan. Aan het begin van het internet 2.0 waren we vooral onder de indruk van wat de grote techbedrijven op de markt brachten. Nu weten we beter. Het is goed om kinderen mee te geven dat dingen niet hoeven te zijn zoals ze zijn. Zowel als individu als samenleving moeten we een kritische en leergierige houding tegenover technologie aannemen. Techbedrijven zijn erbij gebaat dat de gemiddelde gebruiker best onwetend is.’


Zelf aan de slag?

Onze tips voor de kerstvakantie:

  • Data Detox Game: op je surfboard op zoek naar de schat van de hacker: als je een cookie raakt, ben je af. Een spel over digitale privacy van Mediamasters.
  • Cinekid: Sorting Song: wat is een stoel? Hoe verschilt dat precies van een bank? Een interactief filmpje over computerherkenning en de interpretatie daarvan.
  • Hello Ruby: gratis online knutselpakketten die je iets leren over computers en technologie.

Meer tijd?

  • Haal een kapotte computer op bij de kringloop of op Marktplaats, en kijk samen hoe zo’n apparaat eigenlijk in elkaar zit. Vaak gratis!
  • Turing Tumble: door het spelen met simpele schakelaars ontdekken hoe een computer in de basis werkt.
  • LEGO Boost: op zoek naar een huisdier, of juist een hulp in het huishouden? Bouw een robot in welke vorm je maar wil.
  • Scratch: ontwerp je eigen game of animatie en leer gaandeweg de basisregels van programmeren.
  • MicroStudio: next level! Open source games ontwerpen voor de wat oudere kinderen.
  • OSMO: OSMO haalt de bouwblokken, zoals je die van Scratch kent, uit het scherm naar de keukentafel.
  • Electric Dough Kit: vierkante ogen? Begin met kleien en laat je zelfgemaakte kunstwerken tot leven komen.
  • Raspberry Pi: door het mondiale tekort aan chips momenteel alleen tweedehands te verkrijgen: een mini-computer om je eigen virtuele wereld te creëren, zonder de laptop van je ouders in gevaar te brengen.

Over de geïnterviewden

Siuli Ko specialises in creatively producing, executive producing and managing boundary-pushing, innovative projects in new media, digital culture and interactives. In the early years of internet she moved from Dutch telecom KPN Multimedia Services to working in the Arts, as a project manager for V2_, Institute for the Unstable Media for whom she led international cooperation projects. Since she has worked on a huge variety of creative and new media projects for institutions and festivals. Currently she also works as Head of New Media for Cinekid. She is Advisor Digital Literature for the Dutch Foundation for Literature and member of the Domain Commission Interactive & Games for the Netherlands Audiovisual Producer Alliance (NAPA).


Douwe Schmidt is Project Manager Public Tech bij de Gemeente Amsterdam. Hiervoor was hij bestuurslid bij Bureau Tada, werkte als privacy officer bij Fairphone en security trainer bij Greenhost. Daarnaast werkt hij graag en veel samen met de Waag en volgde hij daar onder andere de Fabacademy.Hij is de oprichter van het Privacy Café voor Bits of Freedom, organiseerde tal van andere bijeenkomsten over internet en politiek en onderzocht privacy bevorderende technologieën voor de Correspondent.


Joost de Graaf studeerde Datafication and Digital Literacy aan de Rijksuniversiteit Groningen en is oprichter van Programmeren Proberen, een bedrijf dat lespakketten aanbied aan basisscholen en BSO’s waarin kinderen kennismaken met robotica op een toegankelijke manier. In het primair onderwijs wordt er naar zijn mening te weinig aandacht besteed aan de maakbaarheid van technologie. Elementaire programmeerlessen kunnen kinderen al op jonge leeftijd verrassend veel inzichten geven in de werking van systemen en apparaten waar ze dagelijks mee in aanraking komen. Het doel van zijn lessen is daarom ook vooral het inspireren van kinderen om niet alleen de gebruikers, maar ook de makers van de technologie van de toekomst te worden.